De veertigdagentijd is al even onderweg en voor velen van ons is dat wat wennen, voor mij in elk geval wel. Carnaval was een volksfeest waar velen zich bij aansloten, maar voor de vastentijd haakte de menigte af. Dan sta je ineens alleen tussen vrienden, familie en collega’s voor wie dit geen voorbereidingstijd is, maar een periode zoals alle andere. Wil je ook nog een gebakje? Wat moeten we daar dan mee?

We kunnen het overduidelijk maken: wij vasten. Kijk, wij zijn anders! Kijk, wij leggen ons toe op bidden en onthouding! En wat ontzeggen we ons toch veel. Misschien levert dat zelfs goede dingen op. Nieuwsgierige vragen van collega’s en vrienden, zodat we de mooie dingen van ons geloof met hen mogen delen. Dat is mooi, maar er schuilt ook een gevaar in. Jezus zegt: “Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen.” (Mattheüs 6,16) Hij doet er zelfs een schepje bovenop en zegt: “Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht, opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.” (Mattheüs 6,17-18)

Mag dan niemand zien hoe we de veertigdagentijd beleven? Moeten we alles stiekem doen en vooral niet opvallen? Gewoon het gebakje aannemen als we ons hadden voorgenomen niet te snoepen? Nou, niet helemaal. Jezus roept ons op om de veertigdagentijd te beleven als een periode van voorbereiding. Om verder toe te groeien naar Hem en onze relatie met Hem te verdiepen. Dat doen we voor ons, dat doen we voor Hem. Dat doen we niet om heiliger te lijken dan we zijn.

Door onszelf iets te ontzeggen breken we uit onze dagelijkse sleur. We dwingen ons het aardse genot een beetje los te laten en ons te realiseren: we zijn op doorreis door het aardse. We zijn op reis met God en naar God. Het echte genot vinden we in Hem. Vasten kan ons daaraan helpen herinneren.

De veertigdagentijd kan ons veel verdieping brengen en ons inniger met Jezus en elkaar verbinden. Het kan ook een uitnodiging zijn om met anderen in gesprek te gaan. “Waarom vast jij eigenlijk?” Maar dat kunnen we alleen als we zelf op Jezus’ uitnodiging in zijn gegaan en die voorbereidingstijd mogen beleven.

Nick Kersten, stagiair

Vorige artikel

Terug naar welkompagina