De Kerk heeft een charismatische en een institutionele dimensie, die elkaar nodig hebben. Het beeld van de zeilboot kan dit verduidelijken. Een zeilboot heeft een mast met een zeil om vooruit te komen en een kiel om in balans te blijven. De grootte van de boot, het zeil en de kiel moeten in juiste verhouding met elkaar staan. Hetzelfde geldt voor de institutionele en de charismatische dimensie van de Kerk. De dogma’s en andere geloofspunten, zijn als de kiel, die ervoor zorgen dat de zeilboot in balans blijft. De mast met het zeil zijn de charisma’s die de Kerk vooruit doen gaan. Tijdens het Tweede Vaticaans Concilie, dat afsloot op 8 december 1965, werd een tekst over charisma’s aangenomen.


Het weekend van Duquesne was van 17-19 februari 1967. De deelnemers mochten op een bijzondere manier de kracht van de Heilige Geest ervaren. Zij wilden echter niet een ‘eigen’ Kerk stichten, maar in eenheid met de Rooms Katholieke Kerk blijven. De charisma’s die zij ontvangen hadden wilden zij gebruiken tot welzijn van allen en tot opbouw van de Kerk. Dit bevestigt dat de charisma’s tot de Kerk behoren en van belang zijn voor haar vooruitgang.


De Heilige Geest deelt charismatische gaven uit aan wie Hij wil, zowel gewone gedoopte mensen, als mannen die de wijding ontvangen hebben. Op geen enkele manier is het mogelijk ze te verdienen. Het is een gave, een geschenk, aan de Kerk, tot welzijn van allen (Vgl. 1 Kor. 12,7; 1 Kor. 14,12)) en tot opbouw van de Kerk (Vgl. Ef. 4,12). In de geschiedenis van de Kerk zien we dat God gaven aan mensen schenkt, die in die tijd nodig zijn voor de Kerk. God rust mensen toe met gaven, opdat zij de opdracht die God hen geeft kunnen volbrengen.
De brieven van Paulus zijn aan plaatselijke gemeenschappen die hij bezocht heeft, geschreven. Hij wilde de plaatselijke gemeenschappen aanwijzingen geven rond allerlei pastorale zaken. Bij de pastorale zaken hoort ook het gebruik van de charisma’s. De gemeente of Kerk in Korinthe was hiermee vertrouwd, maar er waren ook allerlei verkeerde uitwassen. In een plaatselijke Kerk zijn vreugde en zorgen, bemoedigingen en frustraties, progressieven en conservatieven, gepassioneerden en minder gepassioneerden. In dit bonte gezelschap probeert Paulus te luisteren naar God en wordt tevens van hem gevraagd leiding te geven, Gods woord te verkondigen, de sacramenten te vieren en mensen te begeleiden de geestelijke gaven te gebruiken tot opbouw van de lokale kerk.


De geestelijke gaven waren normaal in de eerste eeuwen van de Kerk. Paulus moest lokale kerken soms afremmen, maar voor ons is het niet normaal meer. Dit heeft tot gevolg dat wij niet ten volle leven wat God voor ieder van ons en de gemeenschap verlangt. Bovenal moeten we prioriteit geven aan de onderlinge liefde, want waar oprechte onderlinge liefde is, zijn verhoudingen goed, groeit de gemeenschap, worden de gaven die God aan ieder geeft ontvangen, om ze te gebruiken tot opbouw van de gemeenschap. Waar mensen in een gemeenschap openstaan voor Gods Geest, bereid zijn onder zijn leiding vooruit te gaan, zien we dat de vrucht van de Geest groeit.


De gaven van de Geest die we kunnen lezen 1 Korintiërs 12 moeten we zien in de context van 1 Korintiërs 13 en 14. Hier leert Paulus de gemeente van Korinthe en ook ons wat liefde betekent: harmonie en geen verdeeldheid, nederigheid en geen hoogmoed, opbouw en geen vernietiging, bereidheid eigen vrijheid te beperken omwille van de liefde tot de naasten.
De gaven van de Geest zal onze liefde voor de naaste beproeven. Als ik weet dat iemand van mij houdt, zal ik bijna alles van hem of haar accepteren. Wat gaven ook mogen zijn (in 1 Kor. 12 lezen), geestelijke gaven (pneumatika), genadegaven (charismata), diensten (diakoniai), krachten (energemata), openbaringen van de Geest (phanerōsis): doet alles tot welzijn van de naaste, tot opbouw van het geloof (Rom. 1,11) de gemeenschap.

Volg de stappen van Pasen naar Pinksteren met het meditatieboekje dat achter in de kerk ligt en (hier is te downloaden).

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Als ik denk aan Pinksteren komen er bij mij verschillende gedachten op. De meeste mensen zullen hierbij denken aan het neerdalen van de Heilige Geest, tongen van vuur en gaven van de Geest. Vanuit de traditie van de Kerk leren we dat God de Heilige Geest schenkt, met de 7 gaven van de Geest: wijsheid, inzicht, raad, sterkte, kennis, vroomheid en ontzag voor de Heer. De 7 gaven zijn gericht op persoonlijke heiliging. Net zoals de sacramenten, die ons ten dienste staan voor onze groei in heiligheid.


Tijdens het Tweede Vaticaans Concilie zijn de charisma’s een van de onderwerpen in het kader van de Kerk geweest. We kunnen het resultaat van het debat lezen in Lumen Gentium 12. Hier wordt gezegd dat de Heilige Geest het volk van God leidt door de sacramenten, de bedieningen. Bovendien deelt de Heilige Geest aan iedere gelovige gaven uit, zoals Hij het wil, om hem toe te rusten allerlei werken en taken voor de vernieuwing en de uitbouw van de kerk te verrichten. De eucharistie en de andere sacramenten zijn belangrijk om ons geestelijk leven te voeden, ze heiligen ons. Maar wat doen wij om de kerk te heiligen? Om de Kerk te heiligen, deelt God genadegaven (ofwel charisma’s) uit.


We leven in een tijd waarin de charisma’s en het gebruik ervan veel meer naar buiten mogen komen. Nu zijn deze naar mijn mening nog te veel verborgen. Dat was het geval in het Oude Testament waar God bepaalde mensen toerustte met gaven om de opdracht die Hij hen gaf te kunnen volbrengen. Bijvoorbeeld Mozes, die het volk van God leidt naar het beloofde land, of de profeet Elia, die een dode man opwekt. We komen de gaven van de Geest in het Oude Testament niet heel expliciet tegen.


Vanaf het Nieuwe Testament zijn de gaven van de Geest duidelijk aanwezig in de Kerk, vooral in de eerste eeuwen. Het kan zijn dat we te veel vast zitten aan de ‘7 gaven van de Geest’ en dat we vergeten dat charisma’s ook gaven zijn. Misschien denken we dat de charisma’s alleen voor de eerste eeuwen van de kerk waren, maar daarna niet meer nodig zijn. God schenkt juist in onze tijd charisma’s omdat ze belangrijk zijn voor de Kerk van nu.


In het Nieuwe Testament wordt het woord charisma vertaald in ‘gave’ of ‘genadegave’. De wortel van het woord ‘charisma’ is ‘charis’ wat genade betekent. Samen met het achtervoegsel -ma heeft het de grondbetekenis van ‘werk van genade’ of ‘gave van genade’.
Het woord ‘charisma’ komt 17 keer voor in het Nieuwe Testament waarvan een keer in 1 Petrus 4,10 en de andere keren in de brieven van Paulus. Als Paulus het woord gebruikt is het altijd vanuit de grondbetekenis van het woord ‘genade’, waarin hij de ‘gave van genade’ op drie manieren toepast.


Ten eerste gebruikt hij het woord ‘charisma’ in sommige gevallen om de genade van verlossing of eeuwig leven aan te duiden (Rom. 5,15 en 6,23). Ten tweede gebruikt hij het voor ‘goddelijke gunst’, bijvoorbeeld bevrijding van de dood (2 Kor. 1,10) of privileges aan door God geroepen mensen. De derde toepassing van het woord ‘charisma’ wordt verbonden met de christelijke gemeenschap als ‘lichaam van Christus’. De belangrijkste teksten vinden we in de brief aan de Romeinen hoofdstuk 12 en de eerste brief aan de Korintiërs. Het gaat in Rom. 12 om de gaven van profetie, bediening, onderricht geven of een opwekkend woord. En in 1 Kor. 12 lezen we over dienstverlening, een woord van openbaring, een woord van wijsheid of kennis, het charisma om zieken te genezen, wonderen te verrichten en de onderscheiding der geesten.


Waar het mij om gaat, is dat we de charisma’s opnieuw ontdekken. Het zou mooi zijn als we zelf verder op onderzoek gaan. Voor wie meer wil weten: op Hemelvaartsdag, na de eucharistieviering van 10.30u, zal ik om 11:45u u hierover een inleiding geven, waar ik hier verder op in wil gaan. Het is tevens een voorbereiding om op Pinksteren met de Heilige Geest vervuld te worden.

Volg de stappen van Pasen naar Pinksteren met het meditatieboekje dat achter in de kerk ligt en (hier is te downloaden).

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Twee professoren van de katholieke Universiteit Duquesne (spreek uit Dukaine) in Pittsburgh kwamen in het voorjaar van 1966 op het idee te bidden om een grote uitstorting van de Heilige Geest. Dagelijks zongen zij de Pinkstersequentie in het vertrouwen dat God zijn woord houdt: ‘… hoeveel te meer zal dan uw Vader in de hemel de heilige Geest geven aan wie Hem erom vragen' (Lc. 11,13). Deze professoren, moderators van een Bijbel studiegroep, deelden met de studenten hun plannen voor een retraite over de Heilige Geest in februari met als thema “de Heilige Geest”. Aan de studenten, die wilden deelnemen, werd gevraagd om zich hierop voor te bereiden door de Handelingen van de Apostelen hoofdstuk 1 – 4 te lezen en het boek ‘The Cross and the Switchblade’ (dit boek is ook in het Nederlands vertaald onder de titel ‘Het kruis in de asfalt jungle’). Aan de retraite van 17 tot 19 februari 1967 namen 25 studenten deel. Allen hadden zij het verlangen naar een grote uitstorting van de Heilige Geest. Wat in dat weekend gebeurde zal in korte tijd over de hele wereld bekend worden. Het Duquesne weekend laat zien, dat net als op Pinksteren, de Heilige Geest over iedereen kan komen, die met verlangen naar Hem uitziet, zich aan Hem overgeeft.


Bij Pinksteren denken we aan de tekst die we in Hnd. 2,1-4 lezen. De gebeurtenis wordt beschreven met tekenen zoals ‘het gedruis van een hevige wind’, ‘tongen van vuur’, ‘het spreken in vreemde talen’. Dit de doet denken aan Mozes, die op de berg Sinaï de tien geboden (ofwel de Decaloog) ontving. Alleen Mozes en zijn broer Aaron zijn op de berg gehuld in Gods aanwezigheid. Op Pinksteren daalt de Heilige Geest over alle aanwezigen neer. Het doet ook denken aan Babel (Gen. 11,1-9). Het volk wil voor zichzelf ‘een naam maken’ en denkt dat zij één zijn en niet over de aardbodem worden verspreid. Pinksteren is omgekeerd, want de aanwezigen spreken in een taal die ieder verstaat ‘van Gods grote daden’ (Hnd. 2,11). Het gaat om de eer die God toekomt.


Op vier andere momenten kunnen we in de Handelingen van de Apostelen lezen dat de Heilige Geest neerdaalt. De eerste keer na Pinksteren (Hnd. 4,28-31), lezen we dat de Heilige Geest neerdaalt nadat Petrus en Johannes aan hun ‘eigen mensen’ verslag uitbrengen. Zij hebben lijden te verduren omwille van hun getuigenis dat Jezus Christus verrezen is. Samen baden zij en de plaats waar zij bijeen waren beefde … en allen werden vervuld van de Heilige Geest. De tweede keer (8,15-17) ontvangen de mensen die het Woord Gods hadden aangenomen de Heilige Geest door handoplegging van de apostelen. Een zekere Simon, die als tovenaar optrad, wilde geld geven om de Heilige Geest te ontvangen, maar de apostelen weigerden. Simon heeft spijt en vraagt om vergeving. De derde keer (10,44) is na de bekering van de heiden Cornelius. De Heilige Geest daalt na de toespraak van Petrus neer over de ‘heidenen’. De ‘heidenen’ verheerlijkten God en zij spraken in vreemde talen. Tenslotte in Hnd. 19,16 daalt de Heilige Geest neer als Paulus in de naam van Jezus kwade geesten uitdrijft. De naam van Jezus werd door allen hoog geprezen. De mensen bekeren zich tot Jezus.


Al deze gebeurtenissen zijn een beschrijving van ‘met de Heilige Geest gedoopt worden’. De mensen die vervuld worden van de Heilige Geest veranderen. We zien het bij Petrus, die belooft bereid te zijn met Jezus te sterven, maar Hem, als het erop aankomt, driemaal verloochent. Nadat de Heilige Geest over hem is neergedaald is hij bereid zijn leven voor Jezus te geven. Om met de Heilige Geest gedoopt te worden is het van belang bereid te zijn alle controle in de hand van God te leggen. Niet zelf de leiding willen nemen, maar de Heilige Geest. Geduldig wachten, opmerkzaam zijn op wat de Geest ieder van ons zegt, ten dienste van onze gemeenschap

Volg de stappen van Pasen naar Pinksteren met het meditatieboekje dat achter in de kerk ligt en (hier is te downloaden).

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

De schepping is een teken dat God een verbond met ons sluit. Het verbond tussen God en mens veronderstelt dat God altijd met ons is, altijd voor ons zorgdraagt. Door de Bijbel heen kunnen we in verhalen lezen dat God trouw is aan zijn verbond, maar zijn volk niet altijd. Met enige regelmaat horen we dat het volk van God van Gods wegen afdwaalt. God echter komt zijn volk tegemoet, zoals Hij ook al deed in de schepping toen de mens gezondigd had. Hij zoekt de mensen, wil hen vergeven (Gen. 3,9), verlangt dat zij terugkeren.

Met God op weg gaan, op zijn roep antwoorden, kan soms een hele opdracht zijn. Gelukkig mogen we vertrouwen op Gods Geest. De eerste persoon bij wie we dit zien is Abraham. Ook al is het niet expliciet vermeld, het is Gods Geest die Hem de kracht geeft om op weg te gaan. Hoe zou hij anders kunnen vertrekken uit zijn land, stam en familie om op de weg te gaan die God hem wijzen zal (Gen. 12,1)?

In het Oude Testament kunnen we lezen dat God mensen toerust. Als het niet expliciet vermeld wordt, kunnen we het afleiden uit dat wat zij doen. Bij sommige mensen wordt expliciet vermeld dat Gods Geest in hen is, zoals bij Josef (Gen. 41,38), of Saul, die gezalfd wordt tot koning (1 Sam. 16,19). God schenkt zijn Geest opdat de mensen Gods opdracht kunnen volbrengen. Het zijn vaak profeten, koningen en priesters die Gods Geest ontvangen. In het Oude Testament is het niet de volheid van de Geest, die komt pas met Pinksteren over iedereen.

De belofte dat Gods Geest over iedereen komt, kunnen we in het Oude Testament lezen. Geleidelijk merken we dat die belofte tot vervulling komt. In de profeet Ezechiël (11,19-20) lezen we: “Ik zal hen een nieuw hart geven en een nieuwe geest in hun binnenste uitstorten; Ik zal het stenen hart uit het lichaam verwijderen en hen een hart van vlees geven, opdat ze mijn wetten in acht nemen en mijn geboden nauwlettend onderhouden. Zo zullen ze mijn volk zijn en Ik hun God.” En een paar hoofdstukken (Ez. 36, 26-27) verder: “Ik zal u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in u uitstorten; Ik zal het stenen hart uit uw lichaam verwijderen en u een hart van vlees geven. Mijn geest zal Ik in u uitstorten en Ik zal ervoor zorgen dat ge mijn wetten nakomt en mijn voorschriften nauwkeurig onderhoudt.” Deze belofte wordt herhaald door de profeet Joel (3,1b-2): ”Ik zal mijn geest uitstorten over alle mensen, uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw grijsaards dromen zien, uw jonge mannen visioenen krijgen. Zelfs over de slaven en de slavinnen stort Ik mijn geest uit in die dagen.”

Na de Verrijzenis en Hemelvaart van Jezus nodigt Jezus de leerlingen uit geduldig te wachten op de belofte van de Vader (Hnd. 1,4). Op Pinksteren komt deze belofte tot vervulling en daalt de Heilige Geest neer over alle aanwezigen. Het Pinksterwonder herhaalt zich (Hnd. 11,15; 13,52; 19,16) en Hij daalt nog steeds neer, ook in onze tijd. Er zijn talloze momenten te noemen. Een wil ik u niet onthouden: het weekend van Duquesne in februari 1967. Ook wij die ons verbonden voelen met de Maria Geboortekerk mogen hiernaar verlangen.

Volg de stappen van Pasen naar Pinksteren met het meditatieboekje dat achter in de kerk ligt en (hier is te downloaden).

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Aan het begin van het jaar is uw aandacht voor de actie Kerkbalans al gevraagd. De bijbehorende brieven per parochiaan zijn dit jaar later. Komende week liggen ze achter in de kerk. Voor ingeschreven parochianen ligt er een brief op naam klaar. Anderen zijn uiteraard ook van harte uitgenodigd om bij te dragen. U kunt de brief ook hier van de website downloaden. 

Zoals u weet, biedt onze locatie tal van diensten en activiteiten voor jong en oud. In de begroting 2021 is voor kerkbijdragen een bedrag opgenomen van € 68.000 (vorig jaar € 67.000). Via de Actie Kerkbalans 2021 vragen wij uw steen(tje) daaraan bij te dragen door uw kerkbijdrage over te maken op NL05 INGB 0000 8242 36 ten name van RK Parochie H. Stefanus, locatie Maria Geboorte, o.v.v. “kerkbijdrage 2021”. Uw financiële steun is van cruciaal belang!

Uiteraard kunt u ook uw steentje bijdragen door uw tijd te geven, aarzel niet om aan kapelaan van Eijk of iemand van het welkomstteam aan de deur van de kerk aan te geven dat u ook graag op die manier bijdraagt. 


Penningmeester

In de veertigdagentijd hebben we ons voorbereid op Pasen, de verrijzenis van Christus. Gedurende 40 dagen hebben we ons toegelegd op bidden, vasten en aalmoezen geven. Door onze inspanningen hebben we ons geopend voor Christus, om met Hem te mogen delen in de verrijzenis.

De Paastijd is eveneens een periode van voorbereiding, maar dan op Pinksteren. Maar naar ik vermoed zullen niet veel mensen zich gedurende 50 dagen voorbereiden om met de Heilige Geest vervuld te worden. De mensen die mij wat beter kennen, weten dan ook dat de Heilige Geest een belangrijke plaats heeft in mijn leven. De Heilige Geest leidt de Kerk al meer dan 2000 jaar. Hij deelt zijn gaven zevenvoud, schenkt zichzelf en geeft ons charisma’s.

Ter voorbereiding op het Tweede Vaticaans concilie heeft paus Johannes XXIII alle gelovigen opgeroepen het volgende gebed te bidden:

"Laat het Pinksterwonder in onze tijd opnieuw werkelijkheid worden en geef Uw Kerk, dat zij volhardend met Maria, de Moeder van Jezus, in eensgezind en vurig gebed en onder Petrus' leiding, het rijk van de goddelijke Verlosser moge uitbreiden, het rijk van waarheid en gerechtigheid, het rijk van liefde en vrede. Amen."

(Paus Johannes XXIII, Humanae Salutis, nr. 23)

Als we terugkijken naar wat het Tweede Vaticaans Concilie ons gebracht heeft, dan kunnen we zeggen dat de Heilige Geest op krachtige wijze de Kerk heeft vernieuwd. Aggiornamento, ofwel het bij de tijd brengen van het geloof en resourcement, het teruggaan naar de bronnen van het geloof, hebben hieraan een belangrijke bijdrage verleend. In de Kerk van de eerste eeuwen was veel meer openheid voor charisma’s en de werking van de Heilige Geest in de Kerk.

Het is mijn verlangen dat de Heilige Geest overvloedig mag neerdalen over onze gemeenschap en dat het wonder van Pinksteren aan ons geschiedt. We kunnen hier samen voor bidden. Als we verlangen dat de Heilige Geest over onze kerkgemeenschap komt, is het noodzakelijk dat ieder persoonlijk openstaat om de Heilige Geest te ontvangen. Met andere woorden: het zou goed zijn als iedereen zich openstelt om ‘met de Heilige Geest’ gedoopt te worden. Nog sterker gezegd, het zou goed zijn als iedereen bereid is om God de controle te geven: “Heer Jezus Christus, ik geef u de controle over mijn leven, U mag met mij doen wat U wilt. Schenk mij uw genade om met Maria te kunnen zeggen: ‘Mij geschiedde naar uw woord’ ”.

Om de voorbereiding wat concreter te maken, nodig ik de mensen, die dat willen, uit voor een cursus van 7 weken. Op weg naar Pinksteren zal ik de homilie wijden aan onderwerpen die verbonden zijn met de Heilige Geest. Daarnaast kunnen de mensen die dat willen zich persoonlijk voorbereiden. In de kerk liggen meditatieboekjes (hier te downloaden) met Bijbelteksten die betrekking hebben op de Heilige Geest. Wie dit boekje meeneemt kan dagelijks tijd vrijmaken om deze Bijbelteksten te overwegen. Hoe je dit het beste kunt doen wordt in het meditatieboekje uitgelegd.

Met jullie wil ik op weg gaan om de wonderen van de Heer in de wereld zichtbaar te maken. Dan laten we zien dat Gods Rijk zich midden onder ons bevindt.

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Op de eerste dag van de week kwam Maria Magdalena vroeg in de morgen - het was nog donker - bij het graf en zag dat de steen van het graf was weggerold … zo begint het Evangelie van de paasmorgen. Kapelaan Juan van Eijk legt het als volgt uit in zijn preek:

Van het geloof getuigen is niet vanzelfsprekend. Ook is het moeilijk om te zien wat God in ons leven doet. Zonder geloof zijn de tekenen van God betekenisloos. Wat God doet mag ons verrassen, zoals ook Maria Magdalena, Petrus en Johannes verrast worden door de gebeurtenissen. Twee mannen en een vrouw die naar het graf van Jezus gaan. Zij zien allemaal hetzelfde, maar ze komen nog niet allemaal tot geloof.

Maria Magdalena is de eerste. Het is nog donker. Het duister verbeeldt dat er nog geen geloof in haar hart is. De zon van de verrijzenis is nog niet opgegaan. Ze concludeert: ze hebben de Heer uit het graf genomen. Feitelijk, nog geen geloof. Petrus ziet ook, hij ziet zelfs dat de zweetdoek en zwachtels op een andere plaats liggen, maar ook hij begrijpt het nog niet. Het is gek dat hij ziet. Ik weet niet of u wel eens in een grafkelder geweest bent, daar is het nogal donker. Petrus ziet, maar het is net als bij Maria Magdalena, nog donker. Hij ziet en ziet niet.

Het verhaal van Lazarus geeft een aantal interessante details om dit Evangelie te begrijpen. Lazarus die door Jezus uit de dood wordt opgewekt en zijn graf verlaat. In tegenstelling tot Jezus komt hij met gebonden handen en voeten naar buiten en met het doek om het gezicht. Hij is als het ware nog gebonden aan de dood. Jezus zegt: maak hem los (Joh. 11, 44). Jezus zelf heeft de dood ontbonden. Bij Hem liggen de zweetdoek en de zwachtels netjes opgevouwen in het graf. Hij heeft zelf de dood ontbonden. De dood kan Hem niet vasthouden. Johannes zag het en geloofde!

In de afgelopen weken ben ik geschrokken van brieven van mensen die de kerk willen verlaten. Sommige mensen mag ik ook spreken. Wat is dat duister van het ongeloof? Er kunnen talloze belemmeringen zijn, recent en in het verleden. Wij hebben allen plekken van ongeloof. Misschien houdt de wereld ons in het duister. Als we niet de dood omarmen en in de armen van de gekruisigde Christus durven springen, is er geen geloof. We proberen de dood uit te wissen in onze samenleving, maar juist daardoor blijven we in duisternis.

Wat we kunnen doen om de dood een goede plaats te geven in ons leven is te getuigen. Getuigenis af te leggen, ook over wat we moeilijk vinden in het geloof. Getuigen van ons geloof is dat kleine duwtje wat we nodig hebben om elkaar te omarmen – niet letterlijk want dat mag niet vanwege Corona – en te zeggen: Jezus is verrezen, alleluia, Hij is waarlijk verrezen.

Kapelaan Juan van Eijk

Op weg naar Pinksteren

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Een dertigtal studenten vierde dit jaar met ons de P3D, de paas-driedaagse. Een deel van hen was bij de vieringen van Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Pasen (de drie dagen). Tussendoor deden zij verschillende activiteiten, deels online, deels per bubble. Een van deze bubbles deed aan de vieringen mee vanuit het hoogkoor van de kerk, zodat ze voldoende gescheiden waren van de rest. Zo zie je dat de Corona-situatie ons creatief maakt! 

De kruisweg werd zelf gelopen op het prachtige terrein van de begraafplaats van de Heilige Landstichting

De deelname van studenten aan de vieringen is typisch voor ons kerk. Mede daardoor zijn we echt een kerk van alle leeftijden. Nijmegen bestaat voor 25% uit studenten. Het is bijzonder om te zien hoe de contacten tussen onze „gewone” parochiekerk en deze ieder jaar nieuwe groep studenten gegroeid zijn. Door het hele jaar komen deze studenten in KSN verband samen, maar voor Pasen sluiten zich – dit keer vooral online – ook studenten uit andere steden aan. De verschillende studentenhuizen die met KSN of onze parochie verbonden zijn, spelen hier een belangrijke rol in. 

DSC 5103

Verder bestaat de P3D uit workshops, zoals kerk-schoonmaak, sport, kaarsen versieren, een Emmaus-gesprek tijdens een wandeling en samen aan de website werken (dit stukje). Qua inhoud volgde de studenten meerdere lezingen. Over barmhartigheid door onze oud pastoor Marc Timmermans, over het vinden van geluk door zuster Laetitia Dei (ook een oud parochiaan) en tenslotte heeft kapelaan Juan uitleg gegeven bij de verschillende vieringen.

DSC 5117

 

Op Palmzondag beginnen we de Goede Week. In tegenstelling tot vorig jaar, mogen we nu deze dagen weer met parochianen in de kerk vieren. We zijn dankbaar dat we in onze kerk een livestream hebben, die het ook voor de mensen thuis mogelijk maakt om mee te vieren. Iedereen is het erover eens dat thuis vieren totaal anders is dan samenkomen in de kerk. Het afgelopen jaar hebben we vooral de dimensie van ‘onzichtbare’ gemeenschap beleefd. We zijn geestelijk met elkaar verbonden, samen met de heiligen in de hemel. Beetje bij beetje mogen we weer met mensen samenkomen in de kerk.


In de Goede Week en Pasen staan we stil bij de kern van ons geloof, het lijden, sterven en de verrijzen van Jezus Christus, de Zoon van God. De Goede Week begint op Palmzondag, waar we de intocht van Jezus in Jeruzalem vieren, en loopt door tot Stille Zaterdag; Jezus ligt in het graf, Hij is echt dood geweest. De Goede Week is bijzonder omdat we de tijd nemen om het mysterie van Jezus’ lijden en sterven te vieren. Deze dagen vieren, geeft ons de mogelijkheid binnen te treden in het mysterie van Jezus’ lijden, sterven en verrijzen. We drukken dit uit door met Palmtakken te zwaaien, met Jezus te waken, het kruis te vereren en de donkerte waar de Paaswake mee begint.


Op het seminarie en in het klooster beleefde ik deze dagen heel intensief, omdat we verder geen andere werkzaamheden hadden. Met name toen ik in Parijs in het klooster was, waren het vreemde dagen. Tussen de vieringen in de kerk door moesten we werken in de wereld. De scheiding tussen kerk en staat is in Frankrijk wat sterker dan in Nederland en is vooral te zien in het al dan niet dragen van het habijt. De meeste broeders en zusters moesten op die dagen werken en op sommige werkplekken is het niet toegestaan dat de broeders of zusters hun habijt aan hadden.


Een heel tegenstrijdige ervaring was het bidden van de kruisweg op Goede Vrijdag. De broeders en zusters die niet hoefden te werken liepen samen met een groep mensen van de ene kerk naar de andere. In de kerk of op straat baden we een statie van de kruisweg. Op straat waren winkelende mensen, toeristen, bewoners van de stad en de politie die de weg vrij maakte, zodat we veilig gevaarlijke wegen konden oversteken. Ik heb toen voor de eerste keer heel diep de tegenstrijdigheid tussen het geloven in God en het leven in de wereld ervaren. Het gevoel, dat mensen aan Jezus voorbij gaan, dat zij doen alsof Hij dood is.

DSC 5094KruisvereringGoedeVrijdag


Op Goede Vrijdag vieren we dat Jezus alleen aan het kruis sterft. Onder het kruis staan een paar vrouwen en één apostel, de geliefde apostel, die bij het laatste avondmaal tegen de borst van Jezus aanlag. De meeste leerlingen hadden Hem verlaten. Op Stille Zaterdag verblijven de broeders alleen in hun kloostercel en overwegen dat de duisternis van de dood Jezus heeft omgeven. Zoals Jezus even door de dood is heengaan, in de stilte en de onzekerheid. We mogen geloven in de verrijzenis. Als ik wil delen in de verrijzenis moet ik sterven aan mijn eigen wil, opdat Gods wil kan geschieden.


De vieringen van de Goede Week plannen was een hele klus (zie het programma hier). We moeten rekening houden met de avondklok, de coronamaatregelen en het programma van de KSN (Katholieke Studentenvereniging Nijmegen). Het is ons verlangen dat zoveel mogelijk mensen in de kerk kunnen mee vieren, maar we realiseren ons dat de coronamaatregelen dit helaas niet toelaten. Het geeft ons de kans om met Jezus door het lijden en de dood heen te gaan, om als nieuwe mensen te verrijzen.

Kapelaan Juan van Eijk

Vorige artikel

Terug naar welkompagina

Op donderdag 11 maart is er een bezinningsdag waarop we tijd willen maken om ons geloof te voeden. Zr. Maria Catharina o.p. zal die dag spreken over het leven van Catharina van Siena en over vasten en gebed. Vanwege de corona-situatie zal  deze bijeenkomst digitaal zijn. De eucharistieviering en aanbidding zijn wel fysiek bij  te wonen in de Maria Geboortekerk. Info: Dorris Rijnen 06-23101515. Aanmelden vóór 4 maart via: woestijndag@gmail.com. Nadat u zich aanmeldt ontvangt u de informatie over hoe u online deel kunt nemen. 

Programma:

10.00 Welkom en opening
10.15 Lofprijzing
10.30 Eerste Inleiding
11.15 Eucharistische aanbidding vanuit de Maria Geboortekerk Nijmegen
11.45 Eucharistieviering vanuit de Maria Geboortekerk Nijmegen
12.30 Pauze
13.15 Opening middaggedeelte
13.30 Lofprijzing
13.45 Tweede inleiding
14.30 Eucharistische aanbidding vanuit de Maria Geboortekerk Nijmegen
15.00 Afsluiting

De kosten ad € 7,50 gelieve u over te maken op rekeningnr. NL48 ABNA 0569 1646 56 t.n.v. Juan van Eijk o.v.v. uw naam en “woestijndag 11 maart 2021”.