Het is juni. Op mijn tafel ligt een brevier, enkele boeken en het Hedendaagse getijden- en pelgrimsboek Seizoenen van het Leven, samengesteld door de Nijmeegse kunstenaar en kunst-promotor Theo van Stiphout samen met anderen. Het is een geschenk van Theo aan mij. Een prachtig boek. Ik nam het mee op donderdag 11 juni 2020 naar de vergadering van het Parochiebestuur, waar ik voor het eerst zou aanschuiven als nieuw benoemde moderator van de pastores en de pastoraal werkers in de kerken van de St Stefanus Parochie.

Voor donderdagen in de maand juni bevat het Hedendaags Getijdenboek een beschouwing over de veranderingen in de natuur. De natuur zelf zorgt er voor dat er nieuwe organismen ontstaan, zoals bijvoorbeeld de cactus, die in staat is om te overleven in enorme droogte. De natuur is een beeld, soms een voorbeeld, van duurzaam bestaan. Maar wij, mensen, hebben bijna elk plekje van de aarde veroverd. We hebben de levenswijze van onze voorouders, die dicht bij de natuur leefden, ingeruild voor een levensstijl met behulp van veel industriële producten: de consumptiemaatschappij. ‘Maar als meer en meer mensen een westerse levensstijl aannemen, -- wat meer gebruik van land, water en grondstoffen vraagt --, dan blijft er minder ruimte over voor biodiversiteit. Juist natuurlijke organismen hebben geleerd om efficiënt gebruik te maken van materialen en energie. Dus kijk eens om je heen en misschien kan een lokale bioloog of ecoloog je de mooiste verhalen vertellen over planten en dieren in je eigen omgeving ….’  Aldus het Getijdenboek van Theo van Stiphout.

Dus kijk eens om je heen. Dat is ook de eerste stap van elke vorm van zielzorg. Om je heen kijken. Zegt Jezus dat niet ook wel eens? Lucas 12, 22 – 31. ‘Kijk eens naar de kraaien … (vers 24) … Kijk eens hoe de bloemen groeien …. (vers 27)’. Onze vier evangelies hebben die aansporingen van Jezus bewaard in de samenhang van een grotere toespraak. In het zgn Thomas Evangelie, omstreeks 1945 ontdekt in Egypte, bij het dorp Nag Hammadi, tussen een verzameling papyrus  - rollen, met teksten uit de eerste eeuwen van het christendom, luidt logion 78: Jezus sprak: ‘Waarom zijt gij naar buiten in het veld gegaan? Om een riet te zien dat door de wind bewogen wordt? Om een mens te zien die fijne kleren draagt? Uw koningen en uw voorname burgers dragen fijne kleren. Maar zij kunnen de waarheid niet erkennen ….’ Dit is een fragment, een losse uitspraak, zonder verband. Dat hele zgn Thomas Evangelie bestaat slechts uit 114 losse fragmenten. In het Evangelie van Mattheus (11, 7-8) en Lucas (7, 24-25) staat ook iets over kijken naar riet dat beweegt met de wind. Maar dan hebben deze woorden betrekking op Johannes de Doper. Het klinkt vermetel, maar ik vermoed dat de woorden, zoals opgeschreven bij Thomas, wellicht wel eens dichter bij het originele woord zijn: de waarheid zoeken en kennen door heel goed de vogels en de planten te observeren en te mediteren hoe God ze zo geschapen heeft.

Leren kijken. Leren zien. Mijn gebed, bij het aantreden als pastoor, is net als die blinde van Jericho. Jezus vroeg aan hem: wat wil je dat ik voor je doe? De blinde antwoordde: ‘Dat ik weer zien kan, Heer.’ (Lucas 18, 41). Pastoor worden is opnieuw leren kijken.

Eduard Kimman S.J.