Overweging van Wim Rigters.

Jes.42,1-7 en Luc. 3,15-18.21-22 (Vert. Naardense Bijbel)

Thema: Adem die ons leven doet.

In het oecumenisch tijdschrift ‘Open Deur’ las ik eens onder de titel “Fragmenten uit het dagboek van een christen” het volgende – er stond bij: gebaseerd op de catechetische lessen van Cyrillus, bisschop van Jeruzalen uit de 4e eeuw:

“Een voor één gingen we het water van het doopbassin in, zoals eens de Gezalfde zijn graf in werd gedragen. De bisschop vroeg ieder op de man af: “geloof je in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest?”  En iedereen gaf  op zijn beurt het antwoord van de geloofsbelijdenis. In het water dook iedereen driemaal onder en weer op, driemaal, om gekruisigd, gestorven en opgestaan met de Gezalfde, op de derde dag op nieuw te gaan leven.

Druipnat komend uit het water als een pasgeboren kind uit de baarmoeder - een nieuw begin van leven -  werden wij opnieuw gezalfd: - gezalfden als de Gezalfde, christenen als Christus Jezus, op wie de Geest Gods als een duif neerdaalde, toen Hij uit het Jordaanwater kwam. Toen trokken wij witte kleren aan, feestkleren van opgetogen lieden zonder vuile handen. Zo gingen wij met z'n allen in optocht de basiliek in om met elkaar de schriftwoorden van dood en leven te horen en te doen.”

Ik weet niet of er iemand onder ons is die dit herkent als zijn/haar eigen doop; voor de meesten van ons ging het heel anders: pastoor, komt het uit dat we . . . en dan vader met de kinderen en peter en meter snel, jassen aan de koude kerk in,  en na veel Latijnse teksten en wat druppels water over het hoofd, weer naar huis. Je was gedoopt. 

Hoe het ook zij – zó gedoopt, of anders, of niet misschien – uiteindelijk heeft het ertoe geleid dat wij vandaag hier weer onze ‘basiliek zijn ingegaan “om met elkaar de Schriftwoorden  van dood en leven te horen en te doen”.

Ja van “dood en leven”!

Gistermorgen in de bijlage van Trouw stond een interview met romanschrijfster Marilynne Robinson, waarin zij zegt: “We hebben ongelooflijke macht: om elkaar op te bouwen én af te breken”.  Dat wisten u en ik natuurlijk allang, maar de afgelopen week is dat wel weer eens heel duidelijk gedemon-streerd, vooral dat afbreken, en nog wel uit christelijke hoek. Volgens de Theoloog des Vaderlands Stefan Paas zou het mooi zijn als de opstellers van de Nederlandse  Nashville-Verklaring erkennen dat dit manifest fout is en hun excuses aanbieden, “niet om religie-critici tevreden te stellen, maar om te laten zien dat men beseft wat men op deze wijze aanricht bij mensen”. Paas vindt de verklaring ‘weinig theologisch doordacht’. “Dit is om je heen kijken en zeggen ‘zo ziet mijn boerenverstand het, en daar plak ik dan de naam God bij”.

De schrijvers van de Nashville-verklaring zelf lieten weten: “We merkten dat verschillende passages uit de tekst verwarring hebben opgeroepen en anders gelezen werden dan we bedoelden” – en ik dacht:  is dat bij Bijbelteksten dan niet mogelijk?

Kortom: God voor je karretje spannen; hoe vaak is dat niet gebeurd in het verleden; hoe vaak gebeurt het nog steeds? Hoe vaak doen we het zelf, doe ik het zelf. En voor de zoveelste keer vroeg ik mezelf af: over wie of wat heb ik het als ik “God” noem, dat woord, die naam gebruik?

Geven me de Bijbelteksten van vandaag antwoord? En nu wel voorzichtig zijn!

Jesaia begint met: “Zie mijn dienaar, mijn uitverkorene, in hem heeft mijn ziel behagen”; en de Evangelielezing eindigt bijna identiek: “Jij bent mijn zoon, de geliefde, in jou heb ik behagen! En alles wat daar tussen staat gaat over geest en adem: ‘geven zal ik mijn geest over hem’, en  ‘adem aan de gemeenschap daarop en geest aan wie over haar voortgaan’; en verder: ‘hij zal u dopen met heilige geestesadem’ en ‘de heilige geestesadem daalt in lijfelijke gedaante als een duif op hem neer’.

En er staat ook wat die adem, die geest doet met de mens: ‘geen ophef maken, je stem niet laten horen op straat, het gekrookte riet niet breken, een verflauwende vlaspit niet doven, en niet verflauwen, niet geknakt worden voordat je op aarde recht hebt gebracht’.

En dan – zeggen de lezingen vandaag, dus de bijbel – dan zegt de Ene, dan zegt God, dan heb ik welbehagen in jou.

En heb ik nou God voor mijn karretje gespannen?

En als ik nou niet in God geloof?

Afgelopen donderdag is de maand van de spiritualiteit begonnen; het thema dit jaar is: ”Met aandacht”. Leven met aandacht. Bijvoorbeeld: leven met aandacht voor alles wat leeft, alles wat adem heeft, om mij heen, heel de schepping. Zoals de bijbel vertelt: dat Gods Geest zweefde over de wateren en alles adem gaf om te leven.

“Alles wat adem heeft love de Heer” zingt psalm 150, maar misschien is God allang tevreden als mensen aandacht, eerbied en lof hebben voor alles wat ademt.