Overweging van Hans Hamers o.p.

gedicht "Wanneer het herfst is", en uit Johannes 13 en 14.

Overweging bij Allerzielen.

Vandaag in deze bijzondere viering rond Allerzielen hebben we als eerste lezing het gedicht “Wanner het herfst is” gehoord. Het drukt uit zoals velen zich voelen als ze het verlies van een dierbare hen bezighoudt. Herfst, het wordt kouder, stiller, kleur verdwijnt uit het ritme van alledag. Het ritme wordt trager. 

Maar… op het einde van iedere strofe is er een ‘dan’ wat het voorgaande doorbreekt. Langzaam in het gedicht wordt er beweging gemaakt naar nieuw leven. Van “Het zaad rust”, “een mens vraagt naar wie hij is”, “dan vieren mensen zo goed ze kunnen het feest van allen samen in leven en dood,bij God geborgen”. De dichter beseft dat het bij elkaar hoort. Leven en dood. En het eindigt bij God, een nieuw leven, daar is iedereen geborgen.

Er zijn ‘stille krachten’ werkzaam. De dichter noemt ze niet, maar ik benoem ze hier wel: geloof, hoop en liefde. Een bekend drietal.

De gelezen tekst uit het evangelie van Johannes begint het gebod van liefde.  De liefde tot elkaar, die Jezus zelf hen zelf laat zien. Die liefde als de bron voor de Hoop, om bij Jezus zelf te zijn als hij bij de Vader is. Dus de hoop, en het geloof in Jezus zelf maakt dat je wel mag rekenen op het thuiskomen bij de Vader. Jezus zegt dat met “dan neem ik jullie bij me op, zodat waar ik ben, ook jullie zullen zijn”. Wat de dichter van de eerste lezing “bij God geborgen” noemt. Het leven overwint, als nieuw leven.

Wij zijn nu hier, en gedenken onze doden. Bij de één is verdriet nog vers en hevig, bij de ander al meer gesleten. Verdriet blijft, ook al zeggen profeten in de Bijbel dat al onze tranen gedroogd zullen worden! Maar ze bedoelen niet hier en nu, maar als we thuisgekomen zijn bij de Eeuwige. We zullen die hoop samen, door de liefde die we elkaar toedragen, levend moeten houden. 

Daarvoor komen we bij samen, op zondagen, en speciaal ook op deze zondag van Allerzielen. We zullen straks onze in het afgelopen overleden parochianen gedenken door ze allen bij naam te noemen, een gedachtenis uit te spreken en een kaars aan te steken.

Als we samen komen, zoals vandaag, kunnen we elkaar versterken in geloof, hoop en liefde. Geloof in Christus, de verrezene, dat de dood niet het laatste woord heeft. Elkaar versterken door samen te zingen over de Hoop die niet sterven wil, over Liefde die altijd blijft en hoe mooi het is als God ons bevrijdt uit onze ballingschap van verdriet en lijden.

Moge het zo zijn.