Ter nagedachtenis aan GERARD VERWOERD. 

PRIESTER LAZARIST.

11 november 1939  -  4 mei 2021.

Gerardis vlak voor de Tweede Wereldoorlog geboren in Wilnis, Mijdrecht, als jongste van zeven kinderen. Zijn vader, schoenmaker, was de broer van oom confrater Cees Verwoerd, c.m. Zijn moeder overleed voor zijn vierde verjaardag. Het gemis van haar liefde zou hem zijn hele leven blijven achtervolgen, soms zelfs kwellen, alsmede het medelijden met zjn vader, die toen alleen verder moest. Inkomen was er bijna niet, maar zorgen des te meer. Die zorg over zijn familie en anderen heeft hem altijd beig gehouden. Misschien lag daar de grote gevoeligheid van Gerard voor mensen, die het niet gemakkelijk hebben in het leven. Hierin leek hij veel op zijn grote voorbeeld, de H. Vincentius, die zich het leed van mensen zeer aantrok en daar zijn levenswerk van maakte.

In de liturgie en het individuele  pastoraat was Gerard op zijn best. Zijn gevoelens, diepe emoties, lagen dan zichtbaar, maar vaak ook onvoorspelbaar, op zijn gezicht af te lezen: soms vol medelijden, diep verdriet, boosheid en dan weer een en al uitbundige blijdschap.

Gerard was een gevoelsmens, getekend door een gestage onrust diep in zijn ziel. Een sterk verlangen naar liefde, gerechtigheid en harmonie, maar ook onzekerheid en vertwijfeling maakten van zijn ziel een perpetuum mobile. Zijn emoties drukte hij vaak uit in kleine attenties, zoals tekeningen met kleurpotlood, koekjes, gebedjes, gedichtjes of leidje op de panfluit. Hij kon zich enorm verwonderen over, maar ook ergeren, aan de kleinste dingen. Wandelen, verwonderen en mediteren waren voor hem verplichte dagelijkse kost.

Intellectueel zeer begiftigd; liet hij zich nooit voorstaan op zijn enorme kennis en kunde. Integendeel zelfs, roemen op jezelf en je eigen prestaties was voor hem absoluut not done. Zijn kleding, kapsel en schoenen drukten eenvoud, soberheid en pretentieloosheid uit. Zijn hart ging de laatste dertig jaar vooral uit naar de mensen in de marge, de ouderen van huize Nijevelt en de ex-gedetineerden van Stichting Moria in Nijmegen. Vijfentwinjtig jaar speelde hij iedere zaterdagmiddag op de markt in Nijmegen op  de panfluit voor "zijn" jongens van Moria, met voor zich zijn verfrommelde pet als collectemandje. Gerard was non-conformistisch, leefde zijn eigen leven, en was uniek als geen ander.

Gebed, de H. Mis, geestelijke lezing en veel bijbelstudie waren de Godslamp voor zijjn innerlijke leven, dagelijks brood voor onderweg. Die weg is nu ten einde. Moge zijn onrustige ziel nu eindelijk rust vinden bij God. Dat gunnen we Gerard van harte.