KERKBALANS 2023: GEEF VANDAAG VOOR DE KERK VAN MORGEN.

Effata Dominicus

Over ons

In het voorjaar van 2006 begonnen bestuurders van drie Nijmeegse parochies: de Stephanus-Christus Koning, de Dominicus en de Antonius van Padua aan een samenwerking die tot een nieuwe parochie moest leiden. Uiteindelijk haakte de laatste parochie af. Hieronder staat het eerste richtinggevende document van de samenwerking: de gedachte achter 'Effata: Ga Open'.

Profiel Effata-gemeenschap

Opgebouwd door de Nijmeegse parochies
Stefanus/Christus Koning, Dominicus en Antonius van Padua

‘Ze brachten Hem iemand die doof was en moeilijk sprak, en ze drongen er bij Hem op aan hem de hand op te leggen. Hij nam hem uit de menigte apart, stak Zijn vingers in zijn oren en spuwde en raakte zijn tong aan, en Hij keek op naar de hemel, zuchtte, en zei tegen hem: “Effata”, wat betekent: Ga open.’ (Marcus 7, 32-34)

Effata-gemeenschap is de werktitel voor de nieuwe parochie, opgebouwd door drie Nijmeegse parochies in Nijmegen-Oost. Effata verwijst naar het evangelie en onze taak als leerlingen van Jezus Christus om elkaar en anderen aan te raken en te openen. Het woord gemeenschap is gekozen omdat het ons om een ander verband gaat dan de ‘oude’ territoriale parochies. De toon van deze bijdrage is stellig, om het profiel zo scherp mogelijk te maken.

Voorgeschiedenis: over krimp en een moetje

De drie bouwende parochies zijn door de jaren heen vertrouwd geraakt met, of misschien wel gewend aan een vergrijzende en krimpende kerk. De buitengewoon waardevolle bijdrage van de kerkleden (leken) is al lang geen surplus meer, maar is vaak bittere noodzaak. Ook toen elke parochie nog over een pastor beschikte ging veel van hun tijd op aan het draaiende houden van de eigen gemeenschap. Vaak leverden zij al een grotere bijdrage dan zij volgens hun aanstelling verplicht waren te doen.
Voortdurende krimp leidt tot kramp: een krampachtig vasthouden aan waar men zich zo lang voor heeft ingezet, en dat men desondanks ten onder ziet gaan. De drie parochiebesturen zijn het erover eens dat het beter is om samen verder te gaan.
De nieuwe gemeenschap lijkt dus een moetje, maar dat is het niet. Op de eerste plaats omdat de drie parochiebesturen besloten hebben geen fusie aan te gaan, maar om samen aan een nieuwe gemeenschap te bouwen. Bij een fusie immers probeert eenieder zijn of haar belangen veilig te stellen, terwijl bij een nieuwe gemeenschap iedereen meebrengt wat hem of haar na aan het hart ligt.
Op de tweede plaats behoort het tot de kern van het geloof dat christenen samen een liefdesgemeenschap vormen, dat ze samen lichaam van Christus willen zijn. De nieuwe gemeenschap is dus uiteindelijk geen moetje – en hoort dat niet te zijn – maar is gebaseerd op echte liefde, of minstens het verlangen daarnaar. Dat betekent overigens niet dat er niet van alles moet…

Waartoe zijn wij …?

De jarenlange ervaring van de krimpende kerk en daarvóór de herinnering aan de grote volkskerk lijken soms het doel van de kerk versluierd te hebben. Het doel van de kerk is niet de kerk zelf, maar is te ontlenen aan het doel dat Jezus van Nazareth in zijn woorden en daden voor zichzelf zag: de komst van het Rijk van God. Dat is: een vorm van leven waarin de stilte, de rust en het licht van God alles doordringt en met elkaar verbindt.
Jezus was erop uit mensen bij hun eigen ziel te brengen, zowel individueel als gemeenschappelijk. En de ziel is, in de woorden van een van onze voorgangers, pater Tjeu van Knippenberg, de plek waar we het meest samenvallen met onszelf, en tegelijk de plek waar we het meest open staan voor contact met anderen, met de schepping en met God.
Wij leven in een bijzondere tijd, waarin veel mensen het zicht op hun ziel zijn kwijtgeraakt of manieren zoeken om dat contact te herstellen. Sommigen doen dat door te werken, hogerop te komen en geld te verdienen, anderen door voortdurend op zoek te zijn naar nieuwe materiële en andere ervaringen, weer anderen door steeds op zoek te gaan naar nieuwe relaties, en nog weer anderen door bezig te zijn met meditatie, retraites of geestelijke lectuur.
Veel mensen in deze tijd raken opgebrand omdat ze hun inspiratie uitputten, of omdat ze niet kunnen kiezen uit de vele mogelijkheden en geen zicht hebben op wat ze het belangrijkste in hun leven vinden. Veel mensen raken psychisch in de knoop of hebben moeite om bij zichzelf en anderen een thuis te vinden. Die verwarring en uitputting is ook te zien in de manier waarop de welvaart in onze wereld is georganiseerd en aan de manier waarop we met de schepping omgaan.
De Effata-gemeenschap staat midden in deze tijd, die een overgangstijd is van de ene cultuurfase naar de andere. We willen ruimte creëren voor en werken aan bezieling, en zorg hebben voor de ziel van mensen. Dat is het inhoudelijke focus van al onze activiteiten, die in het volgende blok geschetst worden.

Het oude nieuw doen

De Effata-gemeenschap is een katholieke kerk die inzet op kwaliteit in haar dienst aan gelovigen en de samenleving. Dat betekent dat we niet zozeer iets nieuws doen, als wel het oude op een nieuwe, dat wil zeggen excellente manier: de opdracht om als deel van de katholieke wereldkerk de blijde boodschap van Jezus Christus te verkondigen in liturgie, pastoraat (waaronder catechese) en diaconie.
In onze gemeenschap gaan liefde en respect voor de vormen en het gedachtegoed van de katholieke traditie samen met een open oog voor de vragen van deze tijd. Naast respect voor de traditie en de kerkelijke gezagsdragers, staan we open voor voortschrijdend inzicht en voor maatschappelijke veranderingen. Onze gemeenschap bemiddelt op veel manieren tussen de traditie en de noden van deze tijd. Daarin zijn we soms vrijmoedig, of zelfs vrijzinnig, om aan te sluiten bij de zoekende mensen in onze samenleving en de zoekers die we zelf zijn.
Onze gemeenschap wil niet zozeer op een intellectuele als wel op een intelligente manier optreden. Dat wil zeggen dat we in de beste katholieke traditie zowel hoofd, hart als ziel aanspreken. Het woord katholiek betekent immers letterlijk: doorheen het hele. De spiritualiteit van onze kerkgemeenschap is dan ook gericht op het hele in de mens en op alles wat ons heel maakt. Verschillen in leeftijd, cultuur en religieuze gezindheid worden niet weggepoetst, maar beschouwen we als de diversiteit die het geheel kenmerkt.
Wij zoeken de dialoog niet alleen in eigen kring, maar ook met anderen. Wij zoeken aansluiting, geen afsluiting, verkondigen niet de enige waarheid, maar geven ruimte aan een pluriforme verkondiging van de christelijke boodschap. Daaruit vloeit voort dat we waar mogelijk oecumenische samenwerking zoeken: zowel in liturgie, pastoraat als diaconie. Ook willen we gastvrijheid en een inspirerende omgeving bieden aan mensen die niet nadrukkelijk de binding met de gemeenschap zoeken, of die afstand houden op grond van persoonlijke ervaringen.

Op de liturgie ligt, overeenkomstig de katholieke traditie, een voornaam accent. De kracht van het Woord komt in exegese, prediking en verkondiging tot zijn recht, maar ook rituele handelingen krijgen de ruimte die ze verdienen: als een manier om de liefde van en tot God te verbeelden en te verdiepen. Zo wordt er een verbinding gelegd tussen de traditie en hedendaagse vragen. We willen immers de noden van onze tijd vanuit evangelische kennis en inspiratie tegemoet treden. In deze seculariserende tijd is een ‘uitleg’ van het evangelie is nodig én mogelijk. Ze moet niet uitmonden in belerend, maar in inspirerend preken.
De keuze voor kwaliteit betekent ook dat we vieringen bieden met variatie: zowel Gregoriaans als Nederlandstalig, zowel eucharistievieringen als woord- en communie- of woord- en tafelvieringen. Daarbij is het uitgangspunt dat wij samen de kerk vormen. Een bezoeker aan de Effata-gemeenschap is geen toeschouwer van een al dan niet sacramentele handeling van de priester of voorganger op het altaar, maar maakt – letterlijk – iets mee. In de visie van de Effata-gemeenschap is de viering van de liturgie ook de viering van de gemeenschap zelf. Samen met de voorganger vormt zij een representatie van het heilige, ofwel het Lichaam van Christus.
Naast de te benoemen pastores in vaste dienst, waaronder een priester, zo die ons gegeven is, doet onze gemeenschap in de liturgie ook een beroep op andere voorgangers uit ons midden: gepensioneerde priesters en pastores, maar nadrukkelijk ook goed gekwalificeerde en talentvolle gelovigen, zowel mannen als vrouwen.
Als de muziek, de orde van de dienst en de overwegingen goed verzorgd zijn, worden bezinning, betrokkenheid en inspiratie eerder mogelijk. Overigens is er gelegenheid om kinderen mee te nemen naar de kerk, omdat ze actief of op een speelse wijze samen kennis kunnen maken met het geloof, en als ze daarvoor nog te klein zijn met elkaar.

Voor het pastoraat vinden we het van belang dat de pastores zich kunnen concentreren op hun kerntaken. Daarom zijn er ook betaalde krachten die coördinerende en organisatorische taken verrichten. Ook investeren we in deskundigheid om mensen te vormen en begeleiden, om zieken te bezoeken en pastorale en catechetische initiatieven te ontplooien voor uiteenlopende groepen als kinderen, jongeren, studenten, jonge ouders, ouderen, zieken, nabestaanden, jonggehuwden etc. Die activiteiten zijn erop gericht om gemeenschap te stichten, om de toegankelijkheid van de gemeenschap te vergroten, om de geloofscommunicatie te bevorderen, en om mensen nabij te zijn in belangrijke fasen van hun leven.
Onze gemeenschap is niet alleen een ideële, maar ook een sociale gemeenschap. We willen ons bij elkaar thuis voelen en plezier en voldoening beleven aan onze inzet voor de kerk. Na de dienst is er alle ruimte voor informele contacten; door de week is het werk van zangers, kosters, bloemsierders, lectoren, voorgangers en andere vrijwilligers ook plezierig en gezellig. Daarnaast maken we via uitgaven, een website en andere initiatieven veel werk van geloofscommunicatie en van communicatie over activiteiten en ontwikkelingen.

Voor de diaconie betekent de keuze voor kwaliteit onder meer dat er mensen en geld beschikbaar zijn om bestaande diaconale praktijken te versterken en aansluiting te vinden bij wat er al in onze Nijmeegse samenleving gebeurt. Diaconie is immers niet alleen een opdracht, maar ook een kans om met velen – andere kerken, geloofsgemeenschappen en instellingen – samen te werken, om de relevantie van kerk-zijn voor buitenstaanders te verduidelijken, en om dienstbaar te zijn aan de samenleving, om zout der aarde te zijn.

Durven investeren

Er is veel energie nodig om het oude op een nieuwe, excellente manier te doen. In de oude situatie zat er veel financiële energie vast in ons vastgoed, en raakte veel menselijke energie versplinterd doordat op verschillende locaties ongeveer hetzelfde werd gedaan. Daardoor kon het gebeuren dat liturgische vieringen ternauwernood waren voorbereid of geleid werden door een invalkracht, dat er weinig energie kon worden gestopt in allerlei pastorale activiteiten voor kinderen, jonge gezinnen, ouderen, nabestaanden etc., dat er nauwelijks werd geïnvesteerd in nieuwe vormen van communicatie of het aanspreken van randkerkelijken of anderszins betrokkenen, en dat de diaconale inzet afhing van de inzet van slechts enkelen.

Dat het ook anders kan beleven we in onze nieuwe gemeenschap. We hebben één plek, die zichtbaar en herkenbaar is, die mooi en sfeervol is, en die bovendien beschikt over kantoor-, spreek- en vergaderruimten. Het geld dat verdiend is met de verkoop van verschillende gebouwen investeren we in een mooi en goed onderhouden gebouw, dat na het samengaan van de drie parochies heringericht is, om het tot het huis van de nieuwe gemeenschap te maken. Om de ‘oude getrouwen’ te blijven betrekken is een uitgebreide taxidienst opgezet.
Ook investeren we het geld dat is vrijgekomen in een breed team van mensen met kennis van pastoraat, opbouwwerk, diaconie, muziek en communicatie. Het kerkgebouw is bij voorkeur vaak geopend, bijvoorbeeld door middel van het praktisch en ruimtelijk combineren van onze parochie met andere maatschappelijke functies, het gebruik ervan als woonruimte en/ of door het samenstellen van een team van gastvrouwen en -heren. De openheid van de parochie komt ook naar voren in de bijdrage aan het culturele leven. Kleinschalige muziekuitvoeringen in het kerkgebouw dragen bij aan de plaatselijke en regionale muziekcultuur, het karakter van ons open huis en de uitnodiging te verwonderen en te delen in culturele inspiratie.
Die investeringen zijn niet alleen gedaan om de bestaande kring van betrokkenen goed van dienst te zijn, maar ook om de kring te vergroten. Mensen gaan immers steeds vaker naar de kerk van hun voorkeur, ook als die wat verder van huis ligt.

Een missionaire kerk

De kerk is van nature missionair. Na het triomfantalisme van het rijke roomse leven zijn veel katholieken echter wel erg bescheiden geworden. De Effata-gemeenschap wil daar een evenwicht in aanbrengen. Dat evenwicht is al gegeven in de opdracht van de Heer. Hij zei immers niet tot zijn vrienden dat we alle mensen tot christenen, maar tot zijn leerlingen moeten maken.
Zo zijn we levenslang leerlingen, al maakt ons dat niet onnodig bescheiden. We leven en werken vanuit het geloof dat de boodschap van Jezus Christus een grote zeggingskracht heeft en dat wij die boodschap moeten vertolken. Dat doen we in een cultuur waarin niet alleen steeds minder kennis is van onze christelijke wortels, maar bovendien steeds minder oog voor waarden als gemeenschap, verbondenheid, ontvankelijkheid en mystiek. Een cultuur waarin God verbannen wordt naar het privé-domein of de oprispingen van ultraconservatieve gelovigen van diverse snit. Wij willen daar niet alleen in onze overtuigingen, maar vooral ook in ons aanbod, ons maatschappelijk handelen en onze verbondenheid als gemeenschap een andere weg in laten zien.

Effata ideeënfontein

IdeeenFonteinDe nieuwe Effata-gemeenschap, zo staat in het profiel, wil niet iets nieuws doen, maar het oude beter doen. Het gaat om kwaliteit in de kerntaken van een kerk: liturgie, pastoraat (inclusief catechese) en diaconie. De nieuwe gemeenschap wil investeren. Het doel daarvan is mensen dichter in contact te brengen met hun ziel: met de plek in zichzelf waar ze het meest tot zichzelf komen én het meest uit zijn op verbinding met anderen, met de schepping en met God

Velen van ons zijn door de jaren heen zozeer gewend aan een minimale parochie, waarin alleen het hoogstnoodzakelijke gedaan wordt, dat we ons daar nauwelijks een voorstelling van kunnen maken. In dit document-in-ontwikkeling worden ideeën verzameld die door de nieuwe gemeenschap zouden kunnen worden opgepakt, om de nieuwe gemeenschap smoel, durf en karakter te geven.

Uitgangspunten van beleid

  • Mensen van nu zijn op zoek naar events, naar belevenissen. Het aanbod is enorm groot, en mensen zijn een zekere kwaliteit gewoon gaan vinden. Een kerk redt het niet als ze drijft op goede bedoelingen alleen. Een kerk moet kwaliteit bieden, in liturgie, pastoraat en diaconie.
  • Katholiek betekent letterlijk: doorheen het hele. Religie betekent letterlijk: (weer) verbinden. Wij willen ons richten op wat mensen en wat een gemeenschap heelmaakt, wat mensen met elkaar, met zichzelf en met de wereld om ons heen verbindt.
  • De volkskerk van vroeger bestaat niet meer. Veel buiten- en zelfs randkerkelijken weten weinig af van kerk, geloof, traditie. De kerk heeft een hoge drempel gekregen. De nieuwe gemeenschap wil steeds gespitst zijn op het verlagen van drempels. Niet om een servicekerk te worden van ‘u vraagt, wij draaien’, maar om een open en gastvrije gemeenschap te zijn, waar mensen op verschillende niveaus aansluiting kunnen vinden – om van daaruit wellicht eens dieper door te dringen in het geloof.


1. Liturgie

1.1. Gevarieerd vieren

1.2. Kwaliteit in muziek

1.3. Begeleiding van koren

1.4. Creatief gebruik maken van het gebouw

1.5. Randkerkelijke muzikale activiteiten
- Een mooi, sfeervol kerkgebouw werkt op mensen in, ook als ze niet- of randkerkelijk zijn. Het is dan ook aan te bevelen om met regelmaat concerten te organiseren, maar dan wel met de inzet dat het gebodene een religieuze of sacrale ondertoon heeft. Te denken valt niet alleen aan de orgelkring en andere Nijmeegse muzikale groeperingen, maar ook aan concerten die op eigen initiatief totstandkomen, zoals een mini-festival van een uur of anderhalf met negro-spirituals, waarvoor drie Nijmeegse koren worden gevraagd (zoals jazzkoren) om twintig minuten of een half uur repertoire in te studeren. Overigens is het uitgangspunt altijd om de concerten tegen een zeer geringe vergoeding aan te bieden.


2. Pastoraat

2.1. Communicatie

2.2. Intensiever pastoraat voor deelgroepen.
Jongeren komen niet of niet vaak in de kerk. Maar als ze elkaar kunnen ontmoeten, plezier hebben en niet aan een verplicht ritme vastzitten, zijn ze gemakkelijker te betrekken. Bijvoorbeeld door het organiseren van een één- of tweejaarlijkse musical.
Rouwenden

2.3. Pastoraal café

2.4. Eetgroepen: er zijn nogal wat groepen die nog niet geworteld zijn: studenten, dertigers die (nog) geen relatie hebben of nieuw zijn in de stad, enzovoorts. De nieuwe gemeenschap zou eetgroepen kunnen oprichten met als voornaamste doel mensen met elkaar in contact te brengen. De band met de kerk zou zelfs heel bescheiden kunnen zijn, ofschoon een eetgroep zelf zou kunnen besluiten ook wat bezinning te willen inbouwen.


3. Diaconie

3.1. Bestaande banden en activiteiten verstevigen en verbreden: met de Stichting Gast, de Voedselbank, de diaconale organisaties van zusterkerken etc.

3.2. Partnerparochie: via een hoekje op de website en enkele jaarlijkse activiteiten zou contact kunnen worden gelegd met een ‘zustergemeenschap’ in Afrika, Zuid-Amerika of Azië. Wellicht is het mogelijk om, als er een zustergemeenschap met een diaconaal profiel gevonden wordt, jonge mensen te interesseren om als vakantieproject vrijwilligerswerk te gaan doen.

3.3. Ouderenbezoek: een van de grootste problemen onder ouderen is de vereenzaming, met name van mensen die minder mobiel geworden zijn. In samenwerking met bijvoorbeeld de plaatselijke KBO, de GGZ en het welzijnswerk kan een bezoekgroep gemaakt worden om ouderen aan een bredere kring te helpen (neem een nieuwe opa / oma!).

3.4. Milieubewustzijn stimuleren
Het is verbazingwekkend hoe weinig christenen doorgaans aandacht hebben voor het milieu. O zeker, we bezingen graag de lof van de schepping en zijn lid van Natuurmonumenten, maar in ons alledaagse leven hebben we weinig oog voor wat we zelf kunnen doen. We kopen in de bio-industrie opgefokt vlees, eten aardbeien in december en schaffen zonder naar het etiket te kijken appels aan die uit Nieuw-Zeeland blijken te komen.
Toch gebeurt er op milieugebied van alles om ons heen, waar we - dankbaar en vrolijk - bij aan kunnen sluiten, vooral omdat dan kan blijken dat het leuk kan zijn om milieubewuster te leven. Zo bestaat er in krakerspand De Grote Broek in Nijmegen, een voedselcoöperatie die door vrijwilligers gerund wordt, met als doel om milieubewust boodschappen doen mogelijk te maken zonder tegen enorm hogere kosten aan te lopen. Ook bestaan er in de directe omgeving (Ooij, Groesbeek etc.) milieubewuste producenten van fruit en kaas, en vrijwilligersorganisaties die delen van het mooie landschap om Nijmegen heen beheren.
Het is heel wel mogelijk om met deze en andere organisaties en bedrijven contacten op te bouwen, fietstochten te organiseren, incidenteel vrijwilligers te leveren, met als voornaamste doel om vanuit een fundamentele verbondenheid met de schepping bewuster te worden van het eigen gedrag. Daarbij zouden dan steeds beknopte religieuze uitingen aan verbonden moeten worden.

3.5. Vrijwilligersorganisaties
Op de website www.handjehelpen.nl werken allerlei welzijnsorganisaties samen om mensen die een maatje, oppas of bezoek nodig hebben de helpende hand toe te steken. De nieuwe gemeenschap zou zich daarbij kunnen aansluiten en mensen kunnen werven om zich aan te melden als hulpvrager en als helper. Ook de telefonische hulpdienst zou van ons een impuls kunnen krijgen.

Dutch Dutch

Translations are automated (Google translate) so they might not be 100% accurate.